Braun platenspeler


Beschrijving

Platenspeler van Braun uit de Cosmophon serie

Een 78-toeren deck voor het afspelen van schellak grammofoonplaten, dat speciaal is ontwikkeld om ingebouwd te worden in een houten kast als losse speler of als combinatie samen met een radio in één kast. Klik hier voor de historie van Braun.

Afmetingen:   41x35,5x22 cm (gesloten)
Gewicht:   7900 gram
Datum:   1934
Originele prijs:   € 35,00
Conditie:   8+
Beschikbaar gesteld:   Pim en Nicole


Speler in geopende kast

Als de klep van de speler wordt geopend, dan beweegt het plateau met het daarop gemonteerde deck naar je toe. Met een draaiknop kan het uitgangssignaal op de karakteristieken van de radio, versterker of koptelefoon aangepast worden.

Er is een kuiltje aangebracht om de stalen naalden in te bewaren, met een schuif kan het toerental van de draaitafel geregeld worden. Door de toonarm naar rechts te bewegen start de motor, als de toonarm aan het einde van de opname komt treedt een schakelmechanisme in werking die de motor doet uitschakelen.

In het deksel is het Braun-logo zichtbaar.


Grammofoonplaten deck

De afbeelding toont het grotendeels uit bakeliet opgebouwde deck, waarop duidelijk de mechaniek zichtbaar is van de aan/uit-schakelaar en de toerenregeling. Deze regeling is gelijk aan de centrifugaalregeling zoals we van de stoommachine kennen. De toonarm bezit een stalen naald, die met een kartelschroef in de toonkop wordt geborgd. Naaldafmetingen: 15x1,5mm (lxø). Naalddruk: 150 gram.

Het regelsysteem bestaat uit gewichtjes waarvan de omloopdiameter met de stelarm kan worden bepaald. Wordt de omloopdiamer kleiner gemaakt, dan zal het toerental hoger worden. De as van de regelgewichtjes en de motoras zijn één. De rotor zal bij groter wordende omloopdiameter van de regeling meer afgeremd worden en zal in een grotere magnetische slip komen, waardoor het toerental daalt.

De motoras is via een wormwiel-overbrenging met de draaitafel verbonden. De constructie zorgt er voor dat de aandrijving zich alles behalve geruisloos gedraagt. Als referentie gebruiken we daarbij de huidige "stille" draaitafels met snaaraandrijving en elektronisch geregeld motortoerental.


Deutsche Grammophon
30cm DP, gekocht in aug'44

Historie 78-toeren grammofoonplaten

De Duits-Amerikaanse elektrotechnicus Emile Berliner (1851-1929) werkte bij Bell Company oa. aan de verbetering van Edisons fonograaf met wasrol. Hij vond in 1887 de vlakke grammofoonplaat met gespiraliseerde groef uit, die daarna door de Deutsche Grammophon Gesellschaft op commerciële basis geproduceerd werd. De wasrol was hiermee naar de achtergrond verdrongen en bleef toen nog kort in gebruik als medium voor de dictafoon.

De grammofoonplaten, vanaf die tijd tot de 50-er jaren van de vorige eeuw uitgebracht, worden door verzamelaars kortweg 78-ers genoemd. De basis is meestal van bakeliet en gecoat met schellak. Door deze bakelieten basis, zijn deze platen bijzonder breekbaar. De 78-toeren platen zijn in twee groottes uitgebracht: 25 en 30cm met een resp. speeluur van 3 en 6 minuten. De 30cm versie werd dan ook DP (Double Play) genoemd, zie het getoonde label.

De grammofoonplaten werden verkocht in een papieren- of kartonnen hoes, met een ronde uitsparing, waardoorheen het ronde platenlabel zichtbaar is. Over het algemeen werd geen begeleidende informatie toegevoegd, waardoor we het nu alleen met de summiere informatie van het label moeten doen. Zo vermeldt het getoonde label in rondschrift: - SPA "La Voce Del Padrone-Columbia - Marconiphone" - Milano -

25cm DP, vervaardigd in Italië 1943
Omdat in het begin de grammofoonplaten in toerentallen tussen 78 en 80 omw/min werden vervaardigd, is in 1925 een standaard van 78,26 omw/min vastgelegd. Bij deze Braun platenspeler kan het plaattoerental traploos geregeld worden, zodat variaties in netfrequenties (50/60Hz) opgevangen kunnen worden.

Vanaf eind 50-er jaren, toen de 33- en 45-toeren vinyl grammofoonplaten uitkwamen, werden de oude schellak grammofoonplaten 78-ers genoemd. Zij werden tot 1960 uitgebracht. De nieuwe 33-toeren platen werden als LP’s in de markt gezet, de zogenaamde Langspeel Platen.




Historie Braun

Max Braun
Voor de Eerste Wereldoorlog verruilt Max Braun (1890-1951) Oost-Pruisen voor Berlijn, om bij AEG en Siemens te gaan werken, waar hij de basis voor zijn ontwikkelingsdrang legt. In 1921 vestigt Braun zich als zelfstandige in Frankfort om zich bezig te houden met de toelevering van radio-onderdelen, aan onder andere Carl Sevecke Elektrotechnik.

Aan het begin van de dertiger jaren neemt hij de productie van radio's van Sevecke over onder de naam "Max Braun Frankfurt am Main" en brengt de Cosmophon serie radio's, platenspelers en combinaties op de markt. In 1934 ontwikkelde Braun het logo, met de hogere A, zoals we dat nu nog kennen.

In de Tweede Wereldoorlog moest het bedrijf defensieopdrachten aannemen om radio-apparatuur en radio controle-eenheden te produceren. In 1944 werden de Braun fabrieken door luchtaanvallen vernietigd. Drie jaar later werd de productie van radioapparatuur op kleine schaal weer hervat.

Radio/platenspeler combinatie van de SK-serie

In de 50-er jaren begint Braun met het produceren van foto apparatuur, met als hoogtepunt de latere Nizo-serie super-8 filmsystemen. In dezelfde periode vindt een designvernieuwing plaats, dat tot de ontwikkeling van de SK4 radio/platenspeler combinatie met buizen leidde.

De SK-serie is een radio/platenspeler combinatie in één kast, opgebouwd uit metaal, hout en een perspex kap. Deze serie apparaten zijn tot op de dag van vandaag gewilde objecten om te verzamelen.

Braun heeft zich in de 50-er jaren ook toegelegd op de productie van scheerapparatuur, waaronder de
S50 Standard, met een scheerhoofd dat op de huidige apparaten nog steeds wordt toegepast. Deze productlijn was de reden dat Gilette in 1967 een meerderheidsbelang in Braun verwierf. Het leidde tot een afsplitsing van bedrijfsonderdelen, waardoor in 1990 de productie van HiFi systemen discontinueerde.


Schellak

Indiase lakschildluis, grootte ½mm
Schellak wordt uit de harsachtige secretie (afscheiding) van de Indiase lakschildluis vervaardigd, die zich op bomen in en rond India ophoudt. Nadat de afscheiding van de boomtakken is geschraapt wordt het gedroogd en opgelost in alcohol. Door de kleine hoeveelheden waarin het wordt gevonden is schellak kostbaar.

Schellak werd gebruikt om de glazen ballon van de gloeilamp met de metalen lampvoet te verlijmen, het fungeert ook als isolatiemateriaal voor wikkeldraad van transformatoren.

Zo diende het als spray voor bakelieten 78-toeren grammofoonplaten, om tijdens het verhitten in de platenpers weer plastisch (thermoplast) te worden. Na drogen wordt het grammofoonplaatoppervlak bijzonder hard en slijtvast, wat de eigenschappen ten goede komt.